| Duurzaamheid: een kwestie van gezond verstand

Duurzaamheid: een kwestie van gezond verstand

Dagblad de Limburger, 22 november 2014

Expeditie duurzaamheid. Het klinkt haast als een opdracht. Verantwoord(elijk) ondernemen zou veeleer vanzelfsprekend moeten zijn. „Om duurzaam te zijn, hoef je echt niet gestudeerd te hebben. Gezond boerenverstand is al voldoende”, betoogt Pim Martens, hoogleraar duurzame ontwikkeling.

Zowat elk bedrijf dat zichzelf een beetje respecteert, noemt zich tegenwoordig ‘duurzaam’. Het predikaat wordt vaak te pas en te onpas gebruikt. „Het lijkt haast alsof je niet meer meetelt als je zo’n stempel niet hebt”, zegt prof. dr. Pim Martens van de Universiteit Maastricht. Hij wijst ook op een inflatie aan Awards, allerlei ranglijsten. Duurzaam-zus, duurzaam-zo. „Het begrip is een doel op zich geworden. Dat gaat ten koste van de inhoud. Da’s jammer.”

Duurzaamheid op de agenda en het netvlies. Nu nog de implementatie. „Het begrip maatschappelijk verantwoord ondernemen (mvo) heeft de laatste jaren bij bedrijven aan populariteit gewonnen”, aldus Pim Martens. „Voor de grote is het hebben van een goede mvo-strategie zelfs essentieel.” Beursgenoteerde ondernemingen als ABN Amro, Akzo, DSM, Unilever, Philips, Numico, TNT trekken de kar. Ze sloven zich al jaren uit om meer te doen voor milieu en maatschappij. Om waarde te creëren voor aandeelhouders, maar ook afnemers, klanten en eigen personeel. Duurzaamheid is hun ‘licence to operate’. Ze houden zich aan eisen van overheid en maatschappelijke organisatie en gaan zelfs vaak nog een flinke stap verder.

Aan de onderkant van de piramide is er echter nog een wereld te winnen. „Daar is het soms gerommel in de marge. Vaak goed bedoeld overigens.” Het ontbreken van tijd en budget wordt als belangrijk knelpunt ervaren. Initiatieven vinden veelal ook ad hoc plaats. Er worden geen onderlinge verbanden gelegd, waardoor minder efficiënt wordt gewerkt en initiatieven eerder stranden. Soms ook wordt mvo verward met liefdadigheid. „Mvo is echter nooit af, het is een continu proces.”

Duurzaamheid was vroeger een uniek sellingpoint. „Tegenwoordig zijn er speciale managers, ja zelfs hele afdelingen die zich met het thema bezighouden. Grote bedrijven als DSM kunnen zich dat ook veroorloven. Aan de andere kant: als je redelijk milieuverontreinigend bent, dan kun je natuurlijk ook heel duurzaam zijn.”

Duurzaamheid moet je doen. Hoort bij fatsoen. Martens vindt dat grote bedrijven en overheden anderen een handje moeten helpen. „Goed gedrag stimuleren. Dat mag allemaal nog wat sterker.” Vaak slaat men door naar het gewin. „Milieuwinst is meetbaar. Wat ik sterk mis is de sociale duurzaamheid. Je moet ook een partner zijn voor de regio. Gedacht wordt dat duurzaamheid geld kost. Een misvatting. Nadenken over duurzaamheid kost energie. Daar begint het mee. Het begrip wordt vaak te complex gemaakt; te zwaar aangezet. Meestal is gezond boerenverstand al voldoende.”

Vooral de jonge generatie vindt alleen winst maken erg eenzijdig. Zij vinden dat een bedrijf ook maatschappelijk iets moet bijdragen. Pim Martens vindt dat vanzelfsprekend. „Het is toch raar dat bedrijven die minder winst maken, gaan bezuiningen. Mensen ontslaan. Dan denk ik: hè? Dat is krom. Dan zit er toch iets fout in ons economisch denken. Ze doen dan echter alleen maar om de aandeelhouders te plezieren. Daar zit volgens mij een groot probleem. Ik denk dat het systeem van het aandeelhouderschap op de schop moet.”

Het zijn met name de vele kleine bedrijven die nog met de implementatie van duurzaamheid worstelen. „Ik kom zelf uit de gezondheidshoek. Eigen gezondheid en welbevinden zijn de hoekstenen van duurzaamheid. Het gaat uiteindelijk om ons mensen. Om gedrag. Een cultuuromslag klinkt wat hippie-achtig. Maar waarom moet de economie altijd groeien? Waarom niet minder gaan werken. Je verdient weliswaar iets minder. Maar is dat erg? Er komen wel meer mensen aan het werk. Bedrijven moeten af van die voortdurende winstmaximalisatie Je bent al goed bezig als bedrijf als je op verantwoorde wijze een product maakt. Probeer te leren van mekaar, ook van fouten.”

Er is volgens Martens nog een lange weg te gaan. „Nederland scoort nog goed op duurzaamheidsladder. Wel steeds minder hoog. Discussies over schaliegas ja of nee, en over gesjoemel met subsidies voor windturbines zijn niet zo handig. Ze werken contraproductief; vreten aan het vertrouwen.”

Martens vindt het onderhand tijd voor een minister ‘duurzame ontwikkeling’. „Stimuleer en faciliteer. Blijf vooral ook kritisch. Betrek in alles de paragraaf duurzaamheid. Zoals dat bijvoorbeeld is gebeurd rondom de aanbesteding van de A2-Traverse in Maastricht.”

Duurzaam betekent ook innovatief zijn. „Nieuwe regelgeving stimuleert nu niet echt. Hervorm de belastingen zo, dat je duurzaamheid beloont en milieubelasting extra belast.”

Duurzaamheid. Het is en blijft een complex en veelzijdig begrip. Iedereen geeft er vanuit zijn eigen perspectief inhoud aan. „Het dilemma: we zijn er met zijn allen verantwoordelijk voor. De een wat meer dan de ander. Spreek me mekaar er voortdurend op aan. We zijn met zijn allen langzaam op de goede weg. Een stuk verder in elk geval dan pakweg tien, twintig jaar geleden. Maar er mag nu onderhand wel weer een versnelling in komen.”

Metatalk webdesign